You are currently browsing the tag archive for the ‘twitter’ tag.

Sociale media worden steeds meer gezien als een must binnen zowat elke online mediamix. Vaak wordt echter niet stilgestaan bij hoe deze media efficiënt te gebruiken.

De Franse socioloog Pierre Bourdieu (1930-2002) ontwikkelde tijdens zijn academische carrière enkele theorieën en begrippen die in dit verband aangewend worden. Gelukkig sprak hij zichzelf over verschillende publicaties heen geregeld tegen, wat het “misbruiken” van deze begrippen alleen maar aanmoedigt.

Deze blogpost is een samenvatting van de presentatie die ik gaf op Barcamp Antwerpen 2010.

Veld, macht en kapitaal

Centraal bij Bourdieu staat het concept “veld”. Een veld is een autonome sociale ruimte. Het belangrijkste veld is de maatschappij an sich. Daarnaast kunnen ook subvelden onderscheiden worden. Als voorbeelden haalt Bourdieu onder andere de literaire wereld aan, het journalistieke veld, het veld van het onderwijs,…

Binnen elk veld wordt gestreden om macht aan de hand van kapitaal. Er zijn drie soorten kapitaal. Ten eerste economisch kapitaal: dit betreft alles wat met geld en eigendom te maken heeft. Ten tweede sociaal kapitaal: dit duidt op het netwerk dat elk individu binnen het veld heeft. Ten slotte (en nu komt de kat op de koord) beschikt elk individu in meerdere of mindere mate over symbolisch kapitaal. Dit symbolische kapitaal kan je vergelijken met eer, aanzien, prestige, invloed.

Een mooi voorbeeld van iemand met veel symbolisch kapitaal, is de “pastoor” in de gemiddelde vooroorlogse Vlaamse gemeente. Hoewel hij niet dagelijks met iedereen in contact kwam, oefende hij door middel van zijn symbolisch kapitaal bijzonder veel (onzichtbare) macht uit op de gemeenschap. Mensen gingen bijvoorbeeld niet meer naar de bakker als die gescheiden was van zijn vrouw, uit angst dat de “pastoor” dat zou afkeuren. De pastoor oefent door middel van zijn symbolisch kapitaal macht uit op het veld “dorpsgemeenschap”. (vergelijkbaar met de onzichtbare macht van Foucault) Deze macht hangt dus niet samen met zijn economisch kapitaal, maar is een combinatie van zijn sociale en symbolische kapitaal.

Wat heeft dit nu met sociale media te maken?

Hoewel Bourdieu de opkomst van sociale media niet meer meemaakte, vallen ze wonderwel te interpreteren binnen zijn veld-theorie.

Sociaal kapitaal wordt op een (unieke) manier veruitwendigd door het aantal vrienden op Facebook, of het aantal followers op Twitter.

Het is echter symbolisch kapitaal dat centraal staat bij het verspreiden van content op sociale netwerken. Als iemand iets post op haar/zijn profiel, doet zij/hij dit om zijn symbolisch kapitaal te vergroten. Zij/hij vindt iets leuk, en hoopt door het aan zijn netwerk (sociaal kapitaal) te communiceren, dat het netwerk dit op zijn beurt leuk zal vinden. Zo ja, wordt haar/zijn symbolisch kapitaal vergroot binnen het netwerk.

Wat het echter interessant maakt, is dat mensen binnen hun sociaal netwerk op hun beurt zullen trachten om hun symbolisch kapitaal met deze content te verrijken. Ze gaan een “like” doen op Facebook, of gaan iets retweeten op Twitter.

Moraal van dit korte verhaal? Alleen content die mensen toelaat om hun eigen symbolisch kapitaal te vergroten, zal zichzelf op een virale manier verspreiden via sociale netwerken.

Als een ramenfabrikant een Fanpage op Facebook begint, en zijn nieuwsitems vanop de site hieraan koppelt, zal dit voor de Fan niet veel bijbrengen. Een artikel over isolerende ramen verspreiden op Facebook zal in weinig gevallen iets bijdragen aan het symbolische kapitaal van die fans, waardoor ze het dus ook niet verder zullen verspreiden.

Samengevat

Vooraleer sociale media aan te wenden, moeten elk bedrijf of instelling zeer duidelijk afwegen welke toegevoegde (symbolische) waarde dit gaat geven aan ontvangers binnen hun netwerk.

Het gaat dus niet meer op om te beginnen met Twitter en Facebook als de website nog geen goede content bevat.

Sociale media mogen geen doel op zich zijn. Ze kunnen enkel een middel zijn, mits een aanwezige doelgroep, een aantrekkelijke boodschap, tijd, en de nodige man- of vrouwkracht om het geheel draaiende te houden. Kortom – een goed plan.

Voor de ramenfabrikant is de kans dan ook groot dat een goed uitgewerkte e-mail campagne veel meer zoden aan de dijk zal brengen dan een zoveelste poging om de interessante uit te hangen op Facebook.

Wat denk jij?

Zijn deze concepten een goeie toevoeging op de klassieke marketing termen? Of trap ik hier gewoon een aantal open deuren in. Laat gerust iets achter in de reacties!

Lees ook

Advertenties

van 360

360° is (of beter gezegd was) een van die modewoorden. In reclame wordt het gebruikt voor een aanpak die alle media wil integreren in een solide marketingplan. Als je er even op googelt, word je rond de oren geslagen door agencies die een “geïntegreerde innovatieve aanpak” propageren, een soort holistische benadering.

Op zich heb ik het hier soms moeilijk mee. Ik snap niet hoe je NIET kan nadenken over merken vanuit dat holistische standpunt. Het is een soort open deur. Je kan beargumenteren dat specialisatie een must is, en er dus een keuze moet gemaakt worden om te profileren op bvb. PR, DM of interactive oplossingen. Maar dit hoeft toch niet te betekenen dat je de andere uit het oog verliest?

In de muziekindustrie wordt 360 ook wel eens gebruikt om te duiden op een constructie rond een artiest die zowel platenfirma, management als bookings voor zich neemt. Een logisch gevolg van de daling uit inkomsten van cd-verkoop, waardoor de grote firma’s zich richten op een deel van de live-inkomsten koek. In 2007 was Madonna de eerste die een 360 overeenkomst aanging met Live Nation.

naar 365

Is dit 360° model gedateerd? Gisteren las ik het verhelderende artikel Goodbye 360 degrees. Hello 365 days op PSFK.

Ze citeren Colleen DeCourcy, Chief Digital Officer voor TBWA\Worldwide die marketeers uitdaagt:

“…to “advertise at the speed of culture”— making the case for designing constant communications at the intersections of product, culture, news and events. It’s a fleet of micro-initiatives as ongoing communication programs with your audience in response to culture 365 days a year.  It’s about being opportunistic and leveraging key moments with brand relevance. It’s about owning the current conversation to generate faster and more frequent communication points. It’s a new form of CRM using a mix of planned, anticipative and reactive micro initiatives.”

Binnen een 365 CRM benadering onderscheidt ze drie soorten initiatieven:

  1. planned
  2. anticipated
  3. reactive

reactiviteit?

Het zijn vooral deze reactieve initiatieven die steeds belangrijker worden. Ze spelen snel en accuraat in op gebeurtenissen.

PSFK haalt het voorbeeld aan van Pedigree, die daags na zijn verkiezing een open brief publiceerde aan president Obama om hem te herinneren aan de belofte om een hond te adopteren.

Dichter bij huis zijn de recente Kimberlizer van Famous en de Eternal Moonwalk van Mortier voor StuBru mooie voorbeelden.

Reactiviteit moet echter verder gaan dan online top-topicals. Het draait vooral om de constante nood om als merk te communiceren met het publiek, te interageren en in discussie te gaan.

Niet enkel op “klassieke” sociale media zoals Twitter en Facebook, maar evengoed op discussiefora, in reacties op brieven, en (for old time’s sake) langs de telefoon.

“To advertise at the speed of culture” vat het zeer goed samen. Het internet wordt steeds meer real time. Facebook maakt de status updates openbaar (met dank aan Twitter). Google Wave gaat zelfs nog een stap verder.

Marketing kan dus niet anders dan mee evolueren en voor een stuk real time worden, 24 uur per dag, 365 dagen op een jaar.

Lees ook:

Schitterende video die perfect mijn dubbel gevoel bij al dat online gekwetter weergeeft.

twitter

del.icio.us

%d bloggers liken dit: